





Huiswaards, augustus 2007
Zuid-Bretagne
De Biskaye oversteek
sluiten we af met een nachtje slapen in de
haven van LocMiquelic (Lorient). De volgende dag gaan we 5 mijl verder op de rivier
(Blavet)
lekker voor anker. Door ook het achteranker te gebruiken blijven we
netjes buiten de vaargeul en zwaaien we niet met de achterkant over de
ondiepte. Bij laagwater begint twee meter naast de boot een grote
droogvallende plaat vol met vogels. We spotten een zilverreiger, sternen
en een heel klein niet te definiëren grijsbruin steltlopertje. Na twee
dagen gaan we anker op en varen weer verder. De regenachtige zondag
wordt in gepaste rust doorgebracht met een film (Blood Diamont) en
het, helaas ook noodzakelijke, schoonmaak en opruimwerk binnen in de
boot.
Ondertussen krijgt ook het leegzuigen van de scoop de nodige aandacht.
Al sinds we ontdekt hebben (Spaanse Ria's) dat er, door een montagefout bij
de aflevering van de boot 3 jaar geleden, al gedurende weken/maanden
water via het open gat van een van de bouten in de afgesloten ruimte
onder het zwemplatform kan komen zijn we bezig dit er met een grote
injectiespuit uit te slurpen. Dagelijks doen we zo een liter of 10/15. 

Na de regenachtige zondag ziet het er de volgende dag weer een stuk
beter uit. Helaas geen wind. We komen in de stralende zon tot Benodet
waar we dit keer het anker uitwerpen voor het strand. Gedurende een paar
uur trekt de zeewind aan en liggen we stevig in de deining te hobbelen.
Gelukkig loopt de zeewind tegen de avond snel terug en wordt het weer
rustig. Helaas zien we dan ook pas dat we tegenover de bakker liggen die
we 's middags met de kijker door alle strandbezoekers niet konden vinden.
De bakker is inmiddels dicht.
De dag daarop komen we met wat meer wind en een, dankzij springtij,
fikse stroom mee door de Raz du Sein, in Camaret uit. Onderweg amuseert
een groep dolfijnen zich op onze boeggolf. De aanlegboeitjes in Camaret
zijn vrijwel allemaal bezet dus leggen we het anker er maar weer in. Op
het moment van ankeren draait de wind 180 graden waardoor we het anker
er meteen ook weer uittrekken. Een tweede poging is succesvoller.
Christien doet een flinke hoeveelheid boodschappen en ontlokt als ze
beladen met rugzak, tassen en het boodschappenkarretje (nee niet het
winkelwagentje) in de bijboot stapt de kreet van langlopende Nederlandse
vakantiegangers "moet dat allemaal in dat bootje?".
Na een paar dagen Cameret verlaten we de Rade de Brest en trekken via
het Chenal du Four verder naar L'AberWrach, een van de meest westelijke
plaatsen in Noord-Bretagne.
Inmiddels hebben we van Alubat antwoord op de vraag of we het water
onder het platform er met een gaatje in de achterberging uit kunnen
laten lopen. We zitten met de grote injectiespuit inmiddels op 120
liter. Met een eenvoudige actie wordt de volgende dag het gaatje op de
aangegeven plek geboord en laten we het nog resterende water uit de
scoop weglopen. Eindresultaat: In 2 uur tijd 120 liter water in de bilge,
dat we er nu met de lenspomp veel makkelijker uit kunnen pompen. Er zat
dus 240 liter (ballast op een hele verkeerde plek) in het achterplatform!
Vandaar dat we de laatste tijd wat achterover lagen in het water.
Nu liggen we weer netjes recht en moet er alleen de komende weken, als
het laatste water eruit is, een boutje in het gat worden getapt.
Noord-Bretagne
Tijd om weer verder te gaan. In Ile de Batz vallen we droog. Een goede
gelegenheid om de onderkant van de boot met een schrobber
te ontdoen van
alle groene aangroei, de klapschroef te voorzien van nieuw vet en een
nieuwe anode, zodat alles weer tot het voorjaar zo kan blijven.
Even hebben we een onaangename verrassing als blijkt dat de boot zich
zeer precies boven op ons achteranker heeft geparkeerd. Gelukkig blijft
een en ander zonder gevolgen.
Na een nachtje ankeren en droogvallen op Ile De Batz
hebben we een vlotte tocht naar Treguier waar we in het ankerbaaitje bij het
kasteeltje ons anker uitgooien. De dag daarop op de laatste
noordwestenwind naar Guernsey waar we nabij St Peters Port ankeren in de baai onder de rook van het fort.
Een mooie, maar zeer onrustige ankerbaai. De flinke NE wind en
(bijbehorende) deining maken dat we alle kanten uit worden gegooid. Je
moet soms moeite doen om je staande te houden. Niet lekker dus.
Onze mooie oranje schokdempers, 4 rijtjes van 6 oranje "kegels" die je
naast de boot in het water laat zakken, uitgeprobeerd. Ze dempen de
bewegingen van de boot aanzienlijk. Lijkt een aanwinst te zijn voor
ankerbaaien met swell.
Verder is het, zoals altijd in Guernsey, zonnig en warm. Na een dag
treffen we bij de supermarkt plotseling bijna geen vlees, vis, gevogelte
etc meer aan. De reden is dat er geen vlees, vis, vee etc meer mag
worden vervoerd van Engeland naar de Kanaal eilanden, Ierland etc. Mond en klauwzeer besmetting in Engeland. Ook de navtex
waarschuwt ons voor vervoersverboden. Later krijgen we ook de melding
dat we ons vlees en melkhoudend afval niet meer aan land mogen brengen. We hebben, in tegenstelling tot
een paar jaar geleden, nog niet te maken met desinfecterende matten en
zo.
Jaren geleden, zo rond 1990, hebben we met de dochters een wandeling
gemaakt van een paar uur langs de kliffen richting de zuidkust van
Guernsey. In latere jaren hebben we dit zonder hen nog een tweetal keer
gedaan. Nooit kwamen we meer zover als die eerste keer. Iedere keer
opnieuw werden we overvallen door slecht weer (stortregen/onweer) of
slecht nieuws (2001, moeder Christien ernstig ziek in ziekenhuis). Dit
jaar lukt het de tocht uit 1990 te
overtreffen en lopen we tot de zuidelijkste baai van het eiland.
De laatste dag wordt de ankerbaai ineens ook bevolkt door twee
bovenmaatse motorjachten (23 mtr en ca 30 mtr). Op beide schepen zie je
de bemanning in keurige kledij rondscharrelen om bijboten in het water
te laten zakken, de boot schoon spoelen en dergelijke. Op beide boten
draait permanent de generator om de airco en alle apparatuur te laten
draaien. Gelukkig hoeven wij, en een aantal andere zeiljachten, dit maar
gedurende een uur of twee per dag te doen om aan voldoende elektriciteit
en warm water te komen.
Huiswaards
Na een paar dagen verlaten we Guernsey en zetten koers naar Cherbourg.
Ook daar ankeren we in de baai voor de marina . Bij het naar de wal varen
laat de buitenboord motor het ernstig afweten. We krijgen gelukkig twee
keer een sleepje. Tot onze verrassing, we komen al meer dan 25 jaar in Cherbourg, vinden we op loopafstand van de haven een grote Carrefour.
Waarom we die niet eerder hebben ontdekt is een raadsel.
In de middag het bijbootje opgeruimd, de vismolen opgeborgen, de
speciale mooringlijnen te drogen gehangen, peddels weggeborgen en alle
hijslijnen voor de bijboot in de davids opgeruimd. Vanaf nu zullen we
alleen nog in marina's liggen en hebben we dat allemaal niet
meer nodig. Gevoelsmatig zijn we nu echt op weg naar huis.
In de Seine baai verspelen we na de vangst van de eerste makreel de
verdere (= laatste) makrelenlijn. Waarschijnlijk heeft een grotere vis
(of vogel) zich over de volgende bijtende makreel (met makrelentuigje)
ontfermd. Nu zullen we zelfs voor onze vis weer gewoon naar de winkel
moeten.
We lopen Fecamp vlak tegen donker aan. Voor de
haveningang staat weer de vertrouwde deining die je even doet twijfelen
aan de goede afloop. De volgende dag lopen we met een stevige zuidwester
in recordtijd naar Boulogne. Tijdens de tocht maken we zelf ons laatste
water. Jammer vanaf nu zullen we het met het sterk gechloreerde franse
water moeten doen. In het Kanaal is dit door vervuiling en
zwevende deeltjes niet goed meer mogelijk. De filters worden nog een
keer slepend achter de boot schoongespoeld.
Als de boot bij 6 beaufort plotseling oploeft blijkt
de verbinding tussen de stuurautomaat en het roer er uit te liggen. Ruim
een uur ligt Diederik met teflonspray, doppenset en steek sleutels, op
z'n buik onder het stuurwiel om alles weer in orde te krijgen terwijl
Christien op de kuipbanken staande met de hand stuurt en ondertussen de
boutgaatjes voor Diederik precies "boven elkaar" manoeuvreert zodat de
bout er weer in kan.
We liggen in Boulogne een paar dagen te wachten tot
een veld met harde wind voorbij is en we verder richting Nederland
kunnen gaan. De 17e liggen we 's avonds in Middelburg.
Na een gezellig familiefeest in Limburg op de 18e
augustus gaan
we weer aan boord in Middelburg en varen nog een aantal dagen een rondje
door de Deltawateren voor een bezoekje aan de mastenmaker (vervanging LEDtoplicht, reserve onderdelen, "beoordeling voor vertrek") en langs de
bouwer van de Concordjachten voor geslaagd reparatiewerk aan de
"Kras" die we in Povoa opliepen.
Frankrijk; laatste mijlen; Meer
Foto's