








De laatste loodjes
Ondanks alle planning en schema's zijn
de laatste dagen voor vertrek toch nog rommelig en chaotisch. De pech
met het gyrokompas en met de generator/systemswitch heeft de planning de
laatste week voor vertrek flink verstoord. Uiteindelijk beginnen we pas
op 25 april op de boot te wonen en kunnen we de laatste opruim- en
schoonmaakwerkzaamheden thuis oppakken. 28 April beginnen we in
alle vroegte aan de eerste etappe. We varen vanuit Drimmelen door de Biesbossluis en onder de bruggen op de Merwede.
We
eindigen in Dordrecht zodat we eenvoudig nog een paar uurtjes thuis
kunnen opruimen en afsluiten. De 29e, Diederik's laatste werkdag, leveren
we z'n leaseauto en laptop in.
In
Dordrecht, de 30e, worden we wakker onder de klanken van de Grote Kerk.
Bijzonder om op de ochtend van ons echte vertrek, Koninginnedag, de
binnenstad in je op te nemen. Dan zwaait de brug open en varen we onder
de feestelijke klanken van het stadscarillon de rivier op en laten het
havenfront achter ons. We varen onder Hollandse luchten in drie dagen
naar Vlissingen. Een straffe zuidwesten wind, wat lage temperaturen en
een "aprilse" bui maken het tot een frisse tocht. Gelukkig hebben we af
en toe ook een opklaringszone waarin de wind even weg valt. Het is dan
goed toeven achter de buiskap. Met aanmerkelijk meer zon en een
wegvallende wind maken we de laatste mijlen door Zeeland.
Belgie/Noord Frankrijk

Voor
de wind, zuidwaarts. Als we in alle vroegte de 3e mei bij Vlissingen de
sluis uitvaren staat er geen wind. Heel voorzichtig komt er in de loop
van de dag wat wind zodat we die dag, mede door de stroom, toch nog in
Duinkerken komen. Dankzij de aanhoudende oostenwind zeilen we de dagen
daarna een flink stuk naar het zuidwesten. Via Boulogne en Fecamp
liggen we de 8e in Cherbourg. De wind is de meeste dagen wat wisselend.
Dit betekent flink wat zeilwisselingen doordat de boel dan weer over
bakboord staat, dan weer over stuurboord en er tussen door ook nog
gevlinderd wordt met de kluiver of de Bolle Jan (éne zeil over bakboord,
andere zeil over stuurboord).
Met name de eerste paar dagen hebben we, weinig succesvol, enige
pogingen gedaan een makreel aan de haak te slaan. Met name op de
momenten met zeer zwakke wind krijgen we de wel erg zware boot nog niet
goed op gang. Dit maakt de makreelvis mogelijkheden wel groter.
We treffen het goed met de stroom. Dagelijks als we varen gaat om
5.00/5.30 de wekker zodat we om 6 uur weg kunnen. We pakken dan telkens
net nog een lekkere hoeveelheid stroom mee. Daarna hebben we 5/6 uur
tegen om daarna aan het eind van de dag weer een lekkere stroom mee te
pakken. Zo
leggen we op de vaar dagen afstanden van tussen de 60 en de 80 zeemijl
af.
De watertemperatuur is inmiddels opgelopen naar 12 graden. Bij vertrek
was dit nog 10 graden. Het effect hiervan, samen met het vroege
vertrekuur en de warme zon rond het middaguur, is dat we een dagelijkse
(omgekeerde)striptease uitvoeren. De dag begint en eindigt met
poolondergoed, t-shirts, katoenen warmte overhemden, truien, fleecejacks
en zeiljacks over elkaar terwijl op het midden van de dag, !!in de
zon!!, een t-shirt en een korte broek voldoende is.
In Boulogne worden we verrast met een actie van boze vissers
(vangstbeperking!) die in de vroege ochtenduren de havengeul afsluiten zodat niemand er in of uit
kan. Een konvooi Engelsen die op weg naar huis zijn, worden hierdoor 4 uur
tegen gehouden en lopen vanaf een uur of 6 in de ochtend kakelend als kippen over de steiger tot ze
eindelijk weg tegen een uur of 10 eindelijk weg kunnen. Wij hebben geen
last van de akties van de vissers want we we hebben andere plannen voor
vandaag. De volgende dag zijn we de vissers voor
en zijn we al weer op zee voor de vissers aan hun actie kunnen beginnen.
Het
is apart om van de koude zee de havens binnen te varen. Bij binnenkomst
in de haven komt je een warme weeïge, zwoele, bloemengeur tegemoet. Een
ware afwisseling na uren zilte lucht. Een soort mediterrane verademing
die je er meteen toe aanzet nog tot lang nadat het donker wordt met een
wijntje en een olijfje in de kuip te blijven zitten. Zelfs Boulogne
ademt een ontspannen sfeer.
In de havenplaatsen is het seizoen nog niet begonnen. Het ademt overal nog
een serene rust. Je merkt goed dat het Engelsen nog niet in grote getale
rondlopen. Veel winkels zijn nog maar 3/4 dagen in de week open; sommige
bakkers hebben nog winterverlof en helaas was onze taartenbakker in Boulogne nog gesloten.
Het repareren en onderhoud vraagt alweer veel aandacht. De
rolreefinstallaties zijn gecheckt, meteen ook bovenin de mast een drupje
teflon in de windgever gespoten. Na lang zoeken de storing in het
deklicht, midden op de mast, op gelost. De ankerlier is alweer
gedemonteerd en heeft ook zijn onderhoud gekregen.
Onderweg
naar Fecamp krijgen we bezoek van een klein vogeltje. Enkele uren lang
wipt ie over de boot; vliegt weer weg; komt weer terug. Zoals te
verwachten neemt ie tegen de tijd dat we de kust bij Fecamp weer naderen
afscheid van ons. Na een paar dagen Fecamp varen we richting
Normandie en Bretagne.