|
Rhythm of Life op weg
Canarische Eilanden, Oktober/November 2008
Na een hernieuwde duik om alle waterinlaatopeningen van de boot open te maken, roostertjes weg te snijden en schoon te krabben lijken de koelwaterproblemen van de waterpomp, de generator en de koelkast ook voorlopig weer onder de knie. Dan breekt er een weerverandering aan en wordt er een stevige noordenwind voorspelt. We lichten ons anker en zakken af naar Arrecife.
Lanzarote In Arrecife liggen we de tijdelijke harde wind een aantal dagen uit, achter een lijn aan een betonblok onder water. We doen boodschappen en vullen de voorraad weer eens flink aan, gaan naar de kapper (Christien), plegen onderhoud en vullen onze gastank en bergen de stouwen de nieuwe voorraden weer aan boord. Dit laatste is niet zo eenvoudig aangezien de gasfabriek een aantal kilometers buiten Arrecife ligt. Aangezien ook de Policia National in die richting zetelt gebruiken we de kans meteen maar om ons officieel "in te klaren". Met enig gedoe zetten we na het ontbijt de gasfles en het opvouwbare steekwagentje in de bijboot en roeien naar de wal. Daar aangekomen begint een lange voetreis. Immers met een gasfles onder je arm wil niemand je in de bus of in een taxi hebben. Na twee uur lopen hebben we de meest noordelijke haven van de stad bereikt en brengen een bezoek aan de Policia National. Hier kunnen we na lang vragen, zoeken en overleggen een stempel bemachtigen in ons paspoort waarmee we kunnen bewijzen dat we niet alleen Marokko uit zijn gegaan maar de Canarische Eilanden ic de EU ook weer binnen zijn gekomen. Dit om gedoe met de douane als we begin november een weekje naar Nederland komen voor te zijn. Na de middag lopen we nog een half uur door naar de gasfabriek waar we de gasfles weer gevuld krijgen. Dan kunnen we weer naar huis. Tegen vieren zijn we weer aan boord; De dag bijna voorbij en voor 8,80 euro gas en twee stempels rijker. Samen met Bert van de Aventir buigt Diederik zich over het probleem van de boegschroef. Vreemd genoeg werkt ie in één keer. Weer een probleem opgelost (of niet? want uiteindelijk liet de boegschroef ons in Chipiona in de steek, verslag Spanje). Bert ontwerpt voor ons in ieder geval een extra beveiliging tegen het doorbranden van de "lift"motortjes. Als we de onderdelen hebben gaan we die aanbrengen. We verlaten na een paar dagen, vroeg in de ochtend, Arrecife. Tegen de middag lopen we met een lichte wind Marina Rubicon aan, vlak tegenover Playa Blanca aan de zuidkust van Lanzarote. Hoewel we twee vislijn uitzetten vangen we helaas nog niets. Marina Rubicon is een wat kunstmatige, opgedirkte marina met veel chique winkeltjes en restaurantjes. Als je binnen komt voelt het als een warm bad van welkom; na een paar uur krijg je echter een wat ongemakkelijk gevoel, de sfeer is niet "echt". Het houdt het midden tussen Brighton en Seaport Marina met een zelfde aantal niet-verhuurde ligplaatsen. Wifi is zo duur dat we er maar vanaf zien. We vinden wel een andere oplossing. De volgende dag huren we een autootje om een stuk eiland te zien.
Zo'n 8 uur rijden we over het eiland en bekijken de verschillende
uithoeken nu eens vanaf het land. Het weer is redelijk, het zicht is
goed. Hoogtepunt is het Parque Nacional de Timanfaya; het nationaal park
met de Montañas del Fuego.
Heel apart, later op de dag in het zelfde lava gebied was de wijnbouw. Voor iedere druivenplant word een groot gat gegraven in het lava stof, een krater van soms wel anderhalve meter diep, waar de beperkte regen in wordt opgevangen zodat het plantje heel langzaam op kan groeien. Vele tientallen hectaren hebben we zo zien staan. De wijn uit dit gebied schijnt erg bijzonder te zijn. Fuerteventura Na het inleveren van de auto, wat laatste boodschappen en een flinke schrobbeurt van de boot, gooien we kort voor de middag los in Marina Rubicon. De visvangst is nog steeds een probleem. Het is maar goed dat we niet van onze viskundigheid afhankelijk zijn want anders hadden we al maanden niet meer te eten. Bij het binnenvaren van Gran Tarajal is het vrijwel donker. We kunnen nog net de lichtjes van de havendam onderscheiden. Keurig op de electronische kaart en de GPS schuiven we naar binnen richting ankerplaats. Voor ons doemt, nog voor we de ankerplaats bereiken een aantal steigers en pontoons op. Nog vreemder is dat de haven veel kleiner lijkt dan we op basis van de kaart hadden verwacht. Vreemd wat die staan niet op de kaart en ook niet in de pilot. Sinds de kaart voor het laatst is bij gewerkt (2004) is er een groot havencomplex verrezen met een aantal pontoons voor jachten en is een ander deel van de binnenhaven dichtgegooid en opgehoogd tot weg en parkeerterrein. Voor ankeren in de haven is geen ruimte meer. De havenmeester is op vakantie en heeft kennelijk geen vervanger. Voorlopig liggen we hier dus gratis. Wel handig met een paar dagen harde wind. Het ankeren is op de Canarische eilanden moeizaam. Of de ankergrond is slecht, of de ankerplaats ligt slecht (midden in de deining) of er ligt inmiddels een haven. Gelukkig zijn niet alle havens zo gekunsteld als de haven in Rubicon, maar toch. Op een ochtend laat Diederik na het afsluiten van de boot de sleutels in het water vallen. De boel blijft niet drijven maar zakt rechtstandig naar de bodem. Snel een duiksetje geleend bij de Laaxum (Ned) en de sleutels maar weer opgedoken. Mooie gelegenheid om de duikcompressor eens te proberen en de geleende fles weer gevuld terug te geven. Gelukkig doet alles het in één keer goed en zijn in een uur tijd drie flessen gevuld. Wel veel herrie maar je krijgt er ook wat voor. In de loop van de avond neemt de wind sterk toe en ontstaat er een deining van 3 meter uit het noordoosten. Dit weer houdt een dag of twee aan. Wij liggen veilig in de haven te genieten van de walstroom. Fuerteventura; Gran Tarajal als een van de hoofdplaatsen, heeft de
twijfelachtige eer één van de kierende poorten te zijn van Europa
richting Afrika. 54 mijl naar het oosten ligt de woestijn van de
Westelijke Sahara. De zanderige, vrijwel verlaten kust biedt ruime
mogelijkheden om in een gammel vissersbootje, samengepakt met tientallen
andere gelukzoekers de sprong naar Europa te maken. Mogelijk steken ze
ook in de tijd dat wij in Gran Tarajal l Tegenover ons ligt de reddingboot aan de wal. Een dienst die in Spanje gerund wordt door het Rode Kruis. Het is wat dubbel dat een zinkend bootje met bootvluchtelingen gered wordt door de reddingboot. Daarna worden de opvarenden door dezelfde organisatie voor zien van soep en dekens, hun container staat naast de reddingbootcontainer op de wal. Waarna ze overgedragen worden aan de autoriteiten, achter de slagboom, om het land weer uitgezet te worden. Er staat een paar dagen een krachtige wind met een hoge deining. We
liggen prima en zien geen reden door te varen. Samen met de Bert en
Annette van de Aventir huren we een auto en gaan Fuerteventura bekijken.
Het bootschappen doen in Morro Jable is een hele klus. Het is 5 kilometer lopen en voor we weer, beladen met rugzakken en een mop voor het dek, terug zijn bij de boot is de halve dag voorbij. Gran Canaria Na twee dagen Morro Jable zetten we koers naar Gran Canaria. We vertrekken vroeg, 06.00 uur, om voldoende tijd te hebben om ook eventuele windstiltes uit te kunnen drijven. Helaas ontdekken we bij vertrek dat een muis zich een gat door één van de muggenhorren heeft geknaagd. Tja een muis wat nu. De muis kan zich overal in de honderden hoekjes en gaatjes die we aan boord hebben verstoppen. Voorlopig maar even niets gedaan.
De haven van Bahia Arinaga blijkt een ongelukkig keus. Je ligt er prachtig in een grote met Europees geld aangelegde haven waarin geen koopvaardijschip ligt. De haven heeft één nadeel. Vlak bij de boot ligt een enorme berg zand, puin en gruis die onder de straffe wind in rap tempo op ons neerdaalt. De berg wordt met vrachtwagens en bulldozers, vlak bij ons, bewerkt. De boot is nog nooit zo snel zo smerig en vies geworden. Zelfs dagen later komt er nog steeds rood stof uit de boot. Tijd voor stap 1 in de muizenjacht. De eerste poging: Stap voor stap kammen we zoveel mogelijk bedden en bergruimtes uit om na te gaan of hij/zij zich ergens heeft verstopt. Na geruime tijd vruchteloos zoeken komen we tot de conclusie dat ie overal wel kan zijn en staken onze zoekactie. Op naar stap twee: De muizenval. De volgende ochtend is de perzik aangevreten en de vallen zijn nog leeg. Hij/zij houdt niet van kaas. Op naar stap 3. Daarvoor gaan we echter eerst een stuk zeilen. Bij het opstaan stellen we vast dat ook 's nachts de stofwolk verder op ons is neergedaald. 's Avonds al proberen we, na het vertrek van de laatste vrachtwagen, de boot met 50 putsen water weer schoon te krijgen. De volgende ochtend vroeg blijkt hoe weinig deze pogingen hebben opgeleverd. Alle lijnen, de buiskap, de boot, zelfs binnen ligt het vol stof. Al vroeg duwen we weer af en beginnen opnieuw aan een grote schoonmaak operatie. Wederom 50 putsen water. De wind is in de versnellingszone rond Gran Canaria nog steeds stevig. Met alleen het gereefde grootzeil varen we in 2,5 uur door naar Pasito Blanco. Wederom 50 putsen water zijn nodig om wat van de resten van de stofstorm kwijt te raken. We spoelen alle lijnen en stootwillen. Met de buitendouche, een soort verplaatsbare plantenspuit, spoelen we alle scharnieren, grendels, blokken en klemmen. Er komt geen eind aan de stof en gruisresten die we tegenkomen. Christien gaat ondertussen naar de wal om muizengif te bemachtigen. 4 uur later meldt ze zich met haar fiets weer bij de steiger om door Diederik met de bij boot op gepikt te worden. Tijd voor stap 3 in de wedstrijd met de muis. Pasito Blanco is een haven die grotendeels gevuld is met privejachten die horen bij de overmaat aan resorts in de omgeving. De haven ligt ingeklemd tussen golfbanen en "bewaakte"wooncomplexen. Op een klein winkeltje op de haven na is er in de verre omgeving nauwelijks iets te koop. Christien moet naar de andere kant van het schiereiland fietsen, volgens het fietskaartje meer dan 300 resorts/hotels etc verderop, om een gewone, niet op toeristen afgestemde supermarkt te vinden waar het assortiment ook muizen en rattengif bevat.
Ongedierte is een probleem op dit soort reizen. Al vanaf Marokko maken we een strenge scheiding tussen straatschoeisel en boot schoeisel. Dit in verband met de kakkerlakken. Telkens voor we weg varen wordt eerst het straatschoeisel (wandelschoenen, slippers, sandalen) volledig geschrobd en ontsmet voor het aan boord mag. Fruit en groente wassen we in de kuip voor het naar binnen in de netjes mag. Ook worden we met regelmaat belaagd én helaas ook gebeten door vliegende, kruipende en andere geniepige insecten. Herhaaldelijk gebeten door insecten. Sinds Noord-Portugal zitten we af en toe plotseling onder de bultjes. Met name de rand boven de schoenen/sokken is favoriet. Vlooien? Daarnaast probeer je de boot vrij te houden van muizen, ratten en slangen door op landvasten en ankerlijnen blokkades te zetten de ze tegen moeten houden. Vreemd genoeg is de muis langs een volgens ons uiterst veilige steiger gewoon aan boord gewandeld. We hebben tot nu toe de blokkades nog niet gebruikt. Niet slim blijkt nu.
We ontdekken op Gran Canaria dat er nog maar erg weinig plaats is in de
havens doordat op grote schaal ARC boten al in de verschillende havens
zijn gearriveerd. De ARC is een jaarlijkse georganiseerde oversteek,
vanuit Las Palmas, die rond 20 november vertrekt. De boten hebben vanaf
begin november een programma met controle van de uitrusting, workshops
en feesten, in Las Palmas, maar arriveren, weggebracht in de
zomerperiode of met een andere bemanning, soms al weken eerder op Gran
Canaria. Dit gecombineerd met de "lokale" jachten van inwoners van Gran
Canaria en appartementbezitters maakt het aantal plaatsen voor
langsvarende vertrekkers beperkt. Voor ons is even nauwelijks plaats.
Wij verleggen onze route daarom en vluchten naar Gomera. Hadden we toch
al in de planning. Begin
Tenerife In één slag varen we scherp aan de wind naar Las Galletas op de zuidpunt van Tenerife. Een afwisseling van veel en weinig wind brengt ons in deze nieuwe haven. Onderweg hebben we gedurende een kwartier uitzicht op de top van de Pico Del Teide. Voor het eerst in dagen hebben we ook weer eens dolfijnenbezoek. Een tweetal grote exemplaren kruisen springend onze koers en snellen verder. Ze zijn duidelijk op doortocht, maar wel bereid om vlak voor ons een drietal mooie sprongen te maken.
Gomera Als de wind gunstig lijkt steken we over naar Gomera. Het water tussen Gomera en Tenerife is bekend vanwege de grote groepen Indische Grienden die daar door heen trekken. Niet toevallig komen we ze een aantal malen tegen. Ze zijn rond de 7 a 9 meter lang, hebben een vrij platte botte kop en zwemmen in groepen van circa 8 enigszins lobbig, "bruinvisachtig" door het water. Het is fraai om te zien.
Op Gomera maken we ons op voor een paar dagen mooi wandelen en
rondrijden door het landschap en de natuur op het eiland. Een van de
dagen maken we met de auto een rondrit over het eiland. Gomera is een
eiland van contrasten. De zuidzijde is droog, dor, warm en vulkanisch.
De noordzijde is nat, mistig en extreem groen.
Het is prachtig om te zien hoe de verschillende soorten mossen in het
vochtige klimaat gedijen. We bezoeken het Nationaal
Park de Garajonaye. Doordat de vulkanische activiteit van Gomera de
laatste 2 miljoen jaar nihil geweest is is het eiland veel meer gevormd
door de erosie dan door recente vulkaanactiviteit. Dit in tegenstelling
tot de meeste andere Canarische eilanden. Heel bijzonder in het
nationaal park vonden wij de "Laurier Nevel bossen". Een zeer vochtig
nevelwoud dat naast Laurier ook een aantal andere specifieke Canarische
soorten bevat. We maken een aantal uren een wandeling door dit
laurierbos. Op veel punten doet het denken aan de Nederlandse
We maken een aantal wandelingen rondom San Sebastian voor we terug richting
Tenerife varen.
In de loop van het weekend lijkt de wind gunstig te draaien en
besluiten we het eerste stuk van ons ping-pong traject naar Tenerife aan te
pakken. We plannen eerst over te steken naar Zuid Tenerife, dan de oversteek te
maken naar West Gran Canaria en daarna in de loop van de week over te steken
naar Noord Tenerife.
Tenerife; weer
terug naar.. Het is lekker te zien dat boot en bemanning zich bij deze wind en golven zo goed houden. Dat geeft een goed gevoel voor de toekomst. De enige vrije plaats, die we van de havenmeester toegewezen krijgen, is naast een kleine Finse boot. Die vindt ons te dik en doet enige moeite ons weer te laten vertrekken. Voor niets. Onverstoorbaar voltooien we onze aanleg en leggen de boot vast. Vermoedelijk is hij bang dat ons aluminium afgeeft op zijn witte polyester boot. Ten onrechte, aangezien ons aluminium een coating heeft. Het gebeurt ons wel vaker en levert in ieder geval op dat soms andere boten liever niet naast ons willen liggen. Wel zo rustig. In de loop van de middag lopen we bij de andere Nederlanders in de haven langs. Een aantal hebben die dag of de dagen daarvoor zoveel wind (35 knoop) gehad bij het oversteken vanaf Gran Canaria dat ze hun zeil grondig gescheurd hebben of hun reisplannen hebben gewijzigd en besloten hebben niet nog een keer zo'n traject te willen varen. De dagen daarna staat er veel wind uit de verkeerde richting; voor het eind
van de week wordt een voor ons gunstige winddraaiing verwacht. We besluiten ons
pingpong spel niet verder uit te voeren en gewoon te wachten tot we in één keer
naar Noord Tenerife kunnen varen. We ruimen de bijboot alvast goed op en
herstellen wat beschadigingen. Die hebben we waarschijnlijk pas weer op de Kaap
Verden en onze ervaring met de windversnellingszones is dat het niet handig is
als de bijboot dan nog achter de boot onder de beugel hangt. Beter om verlegen
dan mee verlegen; zoals bleek tijdens ons stormachtige tochtje vanaf La Gomera. De laatste dag voor we naar Santa Cruz varen hebben we kennissen uit Dordrecht op de koffie. Ze nodigen ons uit voor een rondje over het eiland. We hebben met z'n vieren een gezellige dag. Aangekomen bij de vulkaankrater en de el Teide lopen we een stevig stuk en genieten van het fascinerende vulkaanlandschap. We hebben geluk, de piek van de El Teide (3500m) ligt met haar sneeuwvelden te schitteren in de zon. Pas tegen het vallen van de avond zijn we weer terug aan boord en nemen we afscheid van Henriëtte en Fred. Een leuke verrassing zo op de valreep van ons verblijf op Tenerife. Als we de volgende dag naar Noord Tenerife varen is de wind zwak en varen we het eerste stuk op de motor. Geleidelijk neemt de wind wat toe en kunnen we met een zuidoosten wind naar Santa Cruz. Weer een effect van de versnellingszone. De wind had noordwest moeten zijn. Net voor de haven stort de eerste regenbui die zich boven Noord Tenerife heeft opgebouwd over ons leeg. Er volgen er de dagen daarna nog heel wat. Het is duidelijk waarom Noord Tenerife zo groen is. Er vallen de dagen dat we er liggen heel wat buien. (Nederland)
De volgende dagen gaan we hard aan de slag om de boot verder reisvaardig te maken. We willen rond het weekend op weg naar de Kaap Verden. Na twee dagen zijn vrijwel alle spullen die we uit Nederland hebben meegenomen opgeruimd. Een lange klussenlijst, met hulp van een deel van de meegebrachte zaken, houdt ons de dagen daarna bezig. De zalingen voorzien we van extra bescherming tegen het schavielen van het grootzeil. We controleren de mast en de verstaging, maken de windvaanstuurinrichting, met een extra kleine stuurautomaat, weer in orde en maken nog een aantal boodschappenrondjes om de voorraden weer op peil te brengen. Dan is het moment van vertrek daar en gaan we op weg richting de Kaap Verden. Een tocht van zo'n 800 zeemijl; de langste oversteek tot nu toe. We verwachten er in de loop van het volgend weekend aan te komen. Canarische Eilanden; Meer Foto's Op deze pagina rust auteursrecht; gebruik van delen alleen na toestemming van de auteur. |
|
aan de |