|
Op deze pagina rust auteursrecht; gebruik van delen alleen na toestemming van de auteur. Rhythm of Life op wegKaap Verden, November-December 2008
Onderweg... 17/11 12.00 utc, 26.46,1/017.20,25 We hebben een rustige nacht. Tot vroeg in de ochtend varen we bij een heldere
maan door op de Bolle Jan, het grote lichtweer voorzeil. Daarna is de wind op en
moet de motor er een paar uur bij. Tot twee keer toe dolfijnen, gevlekte,
langszij gehad. Verder weinig leven in de buurt.
18/11 12.00 utc 24.57,63/18.35,5 We zeilen met een zwak noordoostelijk windje tussen de 4 en 8 knoop, op de Bolle Jan de tweede keer de nacht in. Net als de voorgaande nacht is het kiezen tussen de motor of de Bolle Jan. Omdat de weersvoorspellingen nauwelijks windtoename voorspellen wagen we het er maar op. Het blijkt een goede keus. Ondanks de geringe wind sleurt het voorzeil ons met 4,5 tot 6 knoop door de nacht. Op zich is het laten staan van je lichtweer voorzeil met z'n tweetjes geen logische keuze. Het risico van buien en windtoename 's is nachts redelijk. Reden waarom doorgaans een rifje extra wordt gestoken in plaats van lekker veel zeil laten staan. Aan het eind van de nacht neemt de wind toe tot 15/17 knoop en ruilen we in het donker de Bolle Jan voor grootzeil en kluiver. Er hangt wat sluier bewolking. Gelukkig komt de maan er in de tweede helft van de nacht, tijdens Christiens wacht, nog glazig tussen door. Het schijnsel van de maan zorgt dan voor een beetje licht in de duisternis. De maan komt iedere nacht een uur later op. De eerste nacht is dat vlak voor 23.00, vlak voor we Sal aan lopen, 6 dagen later, is dat pas tegen 05.00 uur. Je vaart zo de eerste uren nog in het aarde donker. Buiten is het nu een graad of 25, 's nachts een graad of 19,5.
20/11 12.00 utc 20.39,09/020.46,62 In de ochtend van de 20e passeren we de Kreeftskeerkring, op de 23e breedtegraad, en varen we officieel in de tropen. Voorlopig merken we er weinig van, de noordelijke wind is fris en de zon staat verscholen achter de zeilen. Krijg je ervan als je in het najaar naar het zuiden vaart. We schieten lekker op, de dag afstand is 145 mijl, een record. Afgezien van een dipje tussen 2.00 en 5.00 met maar 4 knoop snelheid houden we het de rest van de tijd aardig vol met 6 tot 7 knoop. Zeker als de boot van de golven af surft vibreert alles en ruist en suist het water om ons heen. We slapen goed, overdag en 's nachts, en komen de nacht nog steeds door met het maken van de schurftplattingen. De zee om ons heen is leeg. Maar heel af en toe zien we een schip. In alle vroegte ontdekt Christien een zeiljacht aan de horizon, het eerste sinds zondagmiddag. Heel langzaam loopt het zeiljacht op ons uit en ligt aan het eind van de dag voor ons op de rand van de horizon. Elders om ons heen weten we van het bestaan van een 5-tal andere Nederlandse jachten op weg naar Sal of Mindelo. Deze jachten "kennen" we van het dagelijkse Nederlandse kortegolfnetje waarop we tweemaal per dag onze posities uitwisselen. Op één na zijn deze jachten een dag voor ons vertrokken van Gomera. Zij liggen allemaal zo'n 100 tot 150 mijl voor ons. Één is er, na pech, drie dagen na ons vertrokken van Gomera en ligt 500 mijl achter ons. 21/11 12.00 utc 18.36,25/21.53,3 Zuidelijker durven we de Bolle Jan er 's nachts niet meer op te laten staan.
De boten voor ons melden een nacht vol buien en harde wind. We hebben een
rommelige nacht met wat weinig wind en veel golfslag. Door dat de Bolle Jan er
niet opstaat Sal
Op de wal melden we ons bij de politie in Palmeira. De stempeltjes en formulieren moeten bij twee politieposten opgehaald worden. Gelukkig zitten ze vlak bij elkaar om de hoek. Een praatje, een stempeltje en een euro later worden we doorgestuurd naar z'n collega van de maritieme politie. De formulieren zijn op. Hij vraagt ons een uurtje later terug te komen. Wij lopen wat en gaan wat drinken aan de waterkant. Net als we naar hem toe willen lopen haalt hij ons weer op. Er zijn weer formulieren. Op z'n gemak maakt hij het inklaren af. Ook hij heeft de tijd. Langs de kant bieden vrouwen hun koopwaar, groente en fruit aan. Een achteraf winkeltje heeft brood. Geld wisselen we bij een belwinkeltje. Geen garagewinkels zoals in Marokko maar kleine "huiskamer"winkeltjes. Na de overkill van plastic boodschappenzakjes in Europa nu eindelijk een nieuwe wind. Je eigen zakje meebrengen. Het is verrassend om op de markt een moot tonijn of een kwart pompoen te laten afsnijden en daarna door krijgen dat je het gevraagde druipend en plakkerig in je handen krijgt gestopt.
Naast de Kaap Verdianen is het treffend hier op Sal ook veel andere (Afrikaanse) bevolkingsgroepen tegen te komen. Veel Senegalesen hebben op Sal een onderdak en werk gevonden. Daarnaast ook veel, aanmerkelijk donkerder, Afrikanen afkomstig van de meer Midden-Afrikaanse landen. Een kleurrijke mengeling van Afrikanen vult het straatbeeld. Alleen de kleding wijkt af. Slechts sporadisch tref je een traditioneel geklede Kaap Verdiaan of Senegalees aan. Het lijkt wel of alleen de souvenirverkoper nog oorspronkelijk gekleed is. Verder veel T-shirts, voetbalshirts en joggingbroeken. Het lijkt wel een gewone camping. De Europese toerist, met vliegtuigladingen aangevoerd versterkt dit beeld. Ook hier weer drommen "week"vakantiegangers die, zoals een Senegalees dat uitdrukte, beschermt door hun moedereend (de reisleidster) op excursie over het eiland opgejaagd worden. Op talloze plaatsen reizen resorts op, midden in de middle of nowhere. Betonnen staketsels in een kaal en leeg vulkaan landschap, klaar om te worden bewoond, met entertainment binnen de muren. Nu de wereldeconomie een pas op de plaats maakt klaar om een aantal jaren onbewoond en verlaten, half afgebouwd, te wachten op betere tijden. Alleen de namen van de resorts zijn fantastisch, de rest moet nog komen. Worden de Kaap Verden ooit een tweede Tenerife? Ze willen het zelf graag, dat wel. We genieten van de rust in de baai. Samen met een dertigtal andere jachten
liggen we keurig in een rijtje. De wind blaast vanuit het noordoosten, makkelijk
voor de oriëntatie; je ligt altijd naast de zelfde boot. Dagelijks komen er weer
wat bij; dagelijks vertrekken er ook weer. Het merendeel zijn Fransen en
Franstalige Belgen; Op weg naar Senegal? Slechts een enkele Noor, Nederlander,
Engelsman, Duitser of Amerikaan.
Soms wordt de rust even verstoord en sleurt een vertrekker ineens het anker van een collega boven water. Paniek alom. In twee etappes de 24 schurftplattingen in de verstaging gemaakt. Diederik hangt boven in de mast. Gereedschap in z'n broek,; schurftplattingen in een grote zak aan een aparte lijn. Hij roept naar beneden, naar Christien, dat die zak naar beneden kan. Iets te laat bedenkt hij dat dit een misverstand op kan leveren. Een meter lager kan hij zich nog net vastgrijpen. Met het lokale busje, 14 personen, bomvol, gaan we naar de markt in Espargos
en Santa Maria.
We zijn al weer flink aan het wennen aan het bootleven. Terwijl we de boot afsluiten om even met de bijboot koffie te gaan drinken bij vrienden met wie we op zeilen roept Diederik over zijn schouder naar Christien. "ga jij alvast in de auto zitten; ik kom er zo aan" De (Nederlandse) zeilersgemeenschap is net een dorp; veel wisselende contacten; je trekt veel met elkaar op; investeert in contacten en bent voortdurend bezig met kennismaken en afscheid nemen. Regelmatig wisselen we emailadressen uit en gaan met een hernieuwd: "tot mails"; "hoor van je op de korte golf", "zie je straks in Brazilie" of "tot ziens in Nederland", weer uit elkaar. Voor Palmeira kunnen verlaten moeten we eerst de papieren terug hebben. Dit vraagt wat meer tijd dan verwacht. Bij aankomst de 22e hielden de autoriteiten de papieren achter. Uiteindelijk zijn we pas twee en een half uur later weer aan boord. De politieman was nergens te vinden. Waarschijnlijk zijn ze hem op een gegeven moment maar gaan halen. Ook dit is Afrika. We varen weer een baaitje verder. Samen met de Mi Dushi gaan we in een uurtje, ruime winds, naar Baia Mordeira. Aldaar een duikje gemaakt om de anode op de schroef te wisselen (is verdwenen). Het stroomt behoorlijk. Met vinnen is de stroom goed dood te zwemmen. Even door gezwommen en naar het anker gekeken. Ligt er niet geweldig bij (achter een rotsblok). Oorspronkelijk hebben we het plan de volgende dag nog een duikje te maken. Het water is echter nogal hobbelig en onrustig. Geen goed plan dus. We varen de volgende dag weer verder nar Boa Vista, na afscheid te hebben genomen van de Mi Dushi. Zij gaan richting Mindeloo en daarna door naar Suriname. Weer een afscheid na een gezellige tijd.
Het roer om. In de anker baai van Boa Vista, op weg naar Santiago, loopt 1 december, de wekker vroeg af. Om 6.20 zou het licht genoeg zijn om het anker te lichten dus we waren er vroeg bij. Het plan was 70 mijl naar het zuiden te varen naar het eiland Maio (van de frites met..) Om vandaar uit één / twee dagen later door te varen naar Santiago. Nog even een weerberichtje op gehaald en toen gebeurde het....... Het roer ging om. De weerplaatjes laten voor de komende 10 dagen zien dat de wind nogal in de oosthoek komt te zitten (tussen de 60 en de 80 graden) Geen handige richting als je naar Senegal wil. En dat willen we, na alles wat we gelezen hebben, erg graag. Vanuit Santiago ligt de koers naar Senegal op 90 graden. Wat nu te doen? Wachten betekent misschien onvoldoende tijd in Senegal. Ook niet handig. De oplossing ligt voor de hand. Terugvaren naar Sal (waar we net dit weekend vandaan komen). Vanuit Sal ligt de koers naar Dakar/Senegal op 110/113 graden. Bij een kleine winddraaiing (in de loop van de volgende week) voldoende om Dakar net aan te kunnen zeilen. Na al dit gereken is het duidelijk dat we te vroeg uit ons bed zijn gestapt. Een dag te vroeg eigenlijk. De 2e gaan we het opnieuw proberen. Richting Sal (35 mijl) en niet meer naar Santiago. Jammer, we zouden het eiland graag bezoeken om ook eens een beeld te krijgen, net als Boa Vista van de fraaiere Kaap Verdische eilanden, maar het lijkt zo op het oog niet slim om te doen. Weer terug naar Sal. Helaas niet het mooiste eiland en helaas weinig te krijgen. De boot met nieuwe verswaar komt pas zaterdag hebben we ontdekt. We zien wel hoe het loopt. We brengen onze tijd klussend en lezend door. Daartussen in zwemmen en snorkelen we regelmatig. Helaas kunnen we maar weinig vis betrappen onder/rond de boot. Geruime tijd ligt er op een van de dagen, 150 meter naast ons, binnen het rif, een wat futuristische motortrimaran naast ons. die net zo plotseling komt als verdwijnt. Een hele lage boot met één lange hoofdromp en twee, kleine, zijrompen die voor anker gaat in de lagune. Een rijke westerling met belangstelling voor schildpadden? Een onderzoeksvaartuig?. We weten het niet.
De volgende dag varen we aan de wind terug naar Sal. Na een paar uur duikt de zuidpunt van Sal, Santa Maria, al op aan de horizon. Vorige week waren we daar al eens met de aluguer. Heel even zijn we toen achter de rug van de bewaking om, door de poort zo'n resort binnen gewandeld. Een oase van groen, fonteinen, palmen, zwembaden, ligbedden en vooral heel erg groen gras. Het schittert je gewoon tegemoet. In het kurkdroge klimaat van de Kaap Verden betekent dat ingewikkelde bevloeiingssystemen en dagelijks langdurig sproeien. Dit kost verschrikkelijk veel water. Even later slopen we de poort weer uit en liepen gewoon weer door de stoffige slecht geplaveide straten van Sancta Maria. Op de hoek van de straat is het waterhaalpunt. Er is, vrijwel, geen stromend water in Santa Maria, de bevolking haalt daar z'n water. Ook ons eigen Palmeira heeft zo'n waterpunt. Door een tankwagen aangevoerd. Door prachtige trotse KaapVerdiaanse vrouwen, op hun hoofd, verder gedragen naar huis. Een kostbaar bezit, schoon drinkwater.
Dagelijks kijken we naar de gribfiles met de wind verwachtingen. Het ziet er naar uit dat we nog wel even aan Sal vast zitten. Voorlopig zitten we nog midden in een sterke oostenwind met woestijnstof, de zg. Harmattan. Alle bootdelen die naar de wind toe liggen zijn grijs/bruin gekleurd. De nieuwe schurftplattingen zijn compleet van kleur veranderd. Een van de laatste dagen op Sal blijkt de voorraad in de winkels weer goed aangevuld te zijn. We slaan veel verse groente en fruit in en doen alvast boodschappen voor de oversteek naar Senegal. Na in drie winkeltjes alle bootschappen boven op elkaar in de rugzakken en het boodschappenkarretje te hebben gestopt wordt het tijd de zaken even te reorganiseren zodat we niet alles tot moes stampen. Op een terrasje pakken we achter een kleintje koffie alle groente, fruit, brood en bevroren kip en vlees op een tafeltje uit. Naast ons zit een echtpaar dat kennelijk in een van de resorts een all inclusive verblijf heeft. Wat bezorgt kijkend naar al onze levensmiddelen informeren ze bij ons waar wij verblijven. Gelukkig kunnen we ze geruststellen. Dan halen we het laatste brood, geven de laatste escudos uit, werken de website bij en ruimen het bootje op. We zijn klaar voor vertrek. De gunstiger wind is er de 9e en we kunnen we naar Senegal/Gambia oversteken. |
|
aan de |