Rhythm of Life op wegDe oceaan op...naar de Cook eilanden Eigenlijk willen we van de Cook eilanden, op onze weg naar Samoa,
alleen een van de meest noordelijke atollen, Suwarrow, bezoeken. Suwarrow; de enige bewoning, 9 maanden per jaar, is een natuurwachter die waakt over het natuurreservaat. Het eenzame atol is een "must" voor kluizenaars en "hardcore" wereldzeilers. Hoewel we nog vroeg in het seizoen zitten, de grote groep die via het Panama kanaal naar de Pacific is gekomen, zit nog achter ons, verwachten we toch het eenzame atol met een 10 tal andere boten te moeten delen. Het is nu eenmaal drukker aan het worden op de oceaan"snelweg". Na ons vertrek van Bora Bora, Frans Polynesië, hebben we meteen de wind en stroom stevig in de rug. In de loop van de middag van de eerste dag passeren we Maupitie en in de ochtend van de volgende de dag Bellinghausen. Bellinghausen, een groot ringatol, is pas 5 mijl van te voren te onderscheiden. Gelukkig klopt de navigatie. Na 5 dagen lopen we Suwarrow aan.
De aanloop vroeg in de ochtend is eenvoudig. In de luwte van Anchorage Island brengen we het weekend door. Achter en onder ons cirkelen zeven Blacktip haaien; ze willen graag gevoerd worden. Suwarrow, een National Parc, ligt in de Noordelijke Cook eilanden.
Hoewel James Cook hier behoudens er door heen zeilen en in kaart brengen
niet veel heeft gedaan, is het een Engels eerbetoon geweest aan hun grote
zeeheld die de eilanden zijn naam gegeven heeft. Cook zelf heeft het
niet gedaan; bescheiden als hij was gaf hij de duizenden zeestraten,
kapen en baaien op zijn 3 reizen in deze wateren geen enkele keer zijn
eigen naam of die van zijn ouders , vrouw of kinderen.
Het ringatol Suwarrow heeft een doorsnede van circa 10 zeemijl. Op de randen vol koraalriffen liggen met regelmaat kleine zand/palm/koraal eilandjes, meestal niet veel langer dan een paar honderd meter en slechts enkele tientallen meters breed. Een grote oceaan vlakte ligt ingeklemd tussen de riffen en eilandjes. Het enige dat, althans bij de nu heersende wind, ontbreekt is de meters hoge deining van de door de wind opgestuwde oceaangolven. Achter ons buldert de oceaan op het rif; een voortdurende muur van lawaai als van een druk treinstation zonder nachtdienstregeling; je raakt er aan gewend. Ooit, in 1952, bouwde de Nieuw Zeelander Tom Neal een hut op het onbewoonde eiland en trok zich er voor jaren terug. Een kluizenaar pur sang. Een boek; "Een eiland voor je alleen" en 25 jaar later maakte hij een eind aan zijn eenzaam bestaan. Hij overleed kort daarna en werd begraven in Rarotonga, de hoofdstad van de Cook Eilanden. De dag na onze aankomst is zijn geboortedag. Met een dronk en een gezamenlijke maaltijd van de aanwezige cruisers met de twee parkwachters herdenken we het gedenkwaardige moment. Tom Neal wordt wereldwijd aanbeden. Mensen ondernemen hele avonturen om "zijn eiland" Anchorage Island, waar wij nu achter liggen, te bezoeken. Een Hongaarse vrouw kwam in 2010, met haar moeder, via Samoa, waar ze samen op een gehuurd Nieuw Zeelands zeiljacht stapten, tegen de wind naar Suwarrow. Een groenmakende tocht van dagen tegen wind en golven. Volslagen zeeziek bereikten de twee vrouwen uiteindelijk het atol en bezochten het eiland en de plaats waar Tom Neal zoveel jaren heeft doorgebracht. Geen minuut langer wilde ze nog aan boord doorbrengen. De parkwachter bood ze een plek aan in de gastenhut langs de rifrand. Zo konden ze nog dichter bij het Tom Neal gevoel komen.
Als na een paar dagen de passaatwind wat afneemt kunnen we wat meer gaan
lopen en snorkelen. We verkennen de kustlijn en het rif van Anchorage
eiland, -het hoofdeiland-, in twee etappes. We hebben beide keren geluk. Het is
laagwater en we kunnen door poeltjes en plasjes struinen op onze weg
rondom als we het eiland met de klok mee ronden.
Een van de dagen gaan we met de rangers mee naar een van de andere eilanden. De rangers gaan naar "Eight"; het ligt naast "Seven" Island. De naastliggend eilanden zijn voor een groot deel in de afgelopen jaren door de oceaan tijdens stormen en cyclonen weggevaagd. Een grote kale vlakte die met vloed onderloopt is het resultaat. Eight is nog mooi bebost. Kokospalmen, Pandanus "walkingtree's, en andere bomen staan dicht op elkaar. Daartussen een gigantische hoeveelheid broedende vogels. Naast Tropicbirds, Fregatbirds, massa's Boobies (Brown, Masked, Red Footed en zelfs de hier niet voorkomende Blue Footed), ook weer veel sternen. In een aantal van de Boobie nesten zitten al jongen. We komen tientallen jonge Boobies tegen die uit hun nest zijn gehupt. Grappige donsballen ter grootte van een eend. De jongen worden goed verdedigd. We lopen het hele eiland rond en verzamelen het nodige afval. Her en der komen we wat heremietkrabben (lopen met hun eigen huis op hun nek) en de blauwe kokosnootkrabben tegen. Een van de dagen snorkelen we bij Gull Island. Het is mooi te
zien, net als eerder op het huisrif achter de boot, hoeveel goed levend koraal hier
in de atol zit. Heel veel kleuren en vormen en gelukkig ook de nodige
kleine tropische vissen. Van de grote vissen, haaien en dergelijke, zien we er maar
een enkele. Na een dag of 10, een dagje eerder dan gepland lichten we het anker
weer.
We repareren de generator die plotseling er mee ophoudt en pakken de "vertrek"voorbereidingen op. Na afscheid genomen te hebben van de rangers, hangen we het bb-motortje weg en ruimen we de bijboot op. In de loop van de middag varen we de lagune uit. Op weg naar Samoa (voorheen "Western Samoa"); een tocht van een dag of 4.
Cook Isl.;
Meer
Foto's
Op deze pagina rust auteursrecht; gebruik van delen alleen na toestemming van de auteur. |
|
aan de n wore en |