Rhythm of Life op wegDe oceaan op...naar de Society eilanden
Langzaam neemt de wind toe; we varen er lekker voor weg. Een eufemisme blijkt later. Soms tref je het met de depressies, soms zit het tegen en tref je er een met veel meer wind dan de gribfiles hebben ingeschat. Al snel varen we op met het derde rif in het grootzeil en een ver weggereefde kluiver. Gelukkig is de wind achterlijk, maar al met al wel heftig. Tussen de buien door kan de kluiver weer een stukje ontrolt worden. Bijna voortdurend staat er iemand in de stromende regen te reven of te ontreven, boom erin, boom eruit. De nachten zijn onrustig, veel wind en golven, oncomfortabel en vooral aardedonker. We proberen de snelheid rond de 7 knoop te houden; regelmatig zitten we in een schuiver vanaf de golven met een snelheid van 10 tot 11 knoop; een keer, 's nachts, binnen zittend zien we op de meters de snelheid over de grond zelfs oplopen tot 16 knoop.
De balans opmakend hebben we weinig slaap gehad en heeft het ons een spiboom gekost (krom gebogen), is het spiboom/lummelbeslag afgebroken (zowel op de boom als aan de mast), is de spiboom val gebroken, zijn spatzeilen aan beide kanten van de kuip los gerukt van de ca 40 tieraps waarmee ze aan de reling zaten bevestigd en missen we een IKEA boodschappentas, zo'n blauwe, waar mee we de bananen tegen het woeste buitenlicht beschermde. Maar goed we zijn er, dat is toch het belangrijkste; en die 80 extra
bananen die we nu versneld moeten opeten, dat lossen we ook wel weer op. Het nauwelijks te geloven. Terwijl we het anker er in leggen begint het te regen. Eerst druppels, dan gestaag en nog later domweg massief. We spannen snel de bimini en de "regenflappen" en gaan naar binnen. De geplaatste blauwe Ikea bakken zijn na een uurtje al zo vol dat we alle drinkwaterflessen kunnen vullen; 25 liter verzameld, kunnen we weer een paar dagen van drinken. Als we een paar uur later willen gaan slapen stromen de bakken over; we gooien het in de drinkwatertank. In de nacht wordt Christien even wakker. Weer stroomt alles over; de laatste potten, pannen en plastic voorraadbakken worden aangerukt voor de water opvang. Als de ochtend aanbreekt, stroomt alles weer over. Er rest er maar
een ding, zo snel mogelijk de overschotten lozen in de tank. Na twee
bakken blijkt de water tank over te lopen. We grijpen naar ons laatste
redmiddel; de wasmachine, toch goed voor vijftig tot tachtig liter. Christien is blij; eindelijk mag, of eigenlijk moet, er weer gewassen
worden, 3 wasmachines. Het regent massief door; het is te hopen dat we
het daarmee redden. Om ons heen is ondertussen het water in beweging. 200 meter achter
ons stroomt een riviertje de lagune in; ooit een zacht kabbelende
afwatering die zich kronkelend vanuit de heuvels achter ons een weg naar
buiten zoekt. Bij aankomst blauw en kristal helder; is het nu een bruine
woeste modderstroom vol takken en boomstronken.
Regelmatig klinkt er een
doffe dreun of een zacht wsssssh als zich weer een boomstronk, stam of
takkenbos tegen ons aan vlijt. Na een dag regen gaan we op kokosnoten
jacht in de bruine stroom bomen, takken, en andere rotzooi rond de boot.
Na 20 stuks stoppen we. Van Tahiti zien we de eerste dagen weinig. Even wanen we ons, als we
weer in een wind en regenbui op 10 meter van de lagerwal blijken te
liggen, in korte broek weliswaar, in november op de Noordzee zo veel
wind en regen treffen we dezer dagen.
Na een paar dagen verleggen we het anker en varen naar Port Phaeton,
(17.44S, 149.20W) het stroomt nog steeds van de regen. De volgende dag
gaan we met de bus naar Papeete voor het officiële inklaren en om alvast
een idee te hebben waar en hoe we, over een ruime week, onze gasten gaan
ontvangen. Vertrekken we met druilerig weer, al snel blijkt het in
Papeete warm en zonnig.
In de drukke baai bij Marina Taina bereiden we onze week Moorea, met DJ/Moniek/Ingeborg en Owen voor. Aan het eind van de week kunnen we in alle vroegte onze gasten
ophalen. Moniek, Ingeborg en Dirk-Jan kennen de boot al; voor Owen is
het allemaal nieuw. Na een paar uur al wint zijn nieuwsgierigheid en
ontdekkingsdrift het van de aarzeling en onbekendheid. Een wervelende
week met wat weinig slaap voor Moniek, -7x24 uur ogen in haar
achterhoofd-, en een ontwapende Owen "Springveer" volgen.
We brengen de week door op Moorea, snorkelend, zwemmend en wandelend
verkennen we vanuit Baie Opunohu een deel van het eiland.
Helaas moeten we met tranen in onze ogen, na een week al weer afscheid nemen van Owen en Moniek. Wat ons betreft zijn ze volgende jaar zo weer welkom aan boord. Na vertrek van de twee gaan we aan de slag om met Ingeborg en Dirk Jan verder te varen. Na een dag opruimen, foerageren, dieseltanken, repareren van de watertank deksel (lijkt succesvol) en de watermaker (nog geen succes) kunnen we vertrekken.
Raiatea, net als Huahine een vulkaaneiland met een omringend rif. We
snorkelen in de ingangspas naar het
atol. Heel veel vis; mooie dropoffs (rifwanden) en veel stroming. De
haaien laten zich nog niet zien. Bijna alle Polynesische eilanden hebben een geschiedenis van bewoning
die soms zelfs terug gaat naar 800 v chr. Op Raiatea bekijken we de mooi gerestaureerde Marea Taputapuatea. Een grote heilige plaats die grotendeels in
oorspronkelijke staat is ter Vlak voor de verwachte periode met 20+ winden aanbreekt varen we, om
de magen van
Ondanks, het matige weer kunnen we nog een hele week snorkelen. We
verlaten onze ankerplaats aan de westkust en varen om het hele eiland
heen in een aantal stappen naar de zuidoosthoek van het atol.
De stevige wind maakt, samen met de stroming het snorkelen
Bora Bora heeft in de toeristische wereld een grote naam. Een beetje
jetsetster mag hier gezien worden. Verwend als we zijn met alle eerdere
Polynesische eilanden lijkt de grote naam van het
het eiland wat opgeklopt; om het voorzichtig uit te drukken. Natuurlijk
is het eiland mooi, maar of het mooier is dan de andere eilanden;
nauwelijks. De resorts; nergens kwamen we zoveel leegstaande resorts
tegen die zo grof de lagune in waren gebouwd.
Ook aan de "blue-water"weken van Ingeborg en Dirk-Jan komt helaas een eind. Op vrijdag, drie weken na hun aankomst, zetten we ze op het vliegtuig naar huis. We brengen Dirk-Jan en Ingeborg bij de taxiboot, net als met Owen en Moniek een moeilijk moment, dat afscheid. Eind van een periode van 3 weken vol leven en gezelligheid bij ons aan boord. Als ze weg zijn gaan we aan de slag. Na anderhalve dag werkt de watermaker weer; een nieuw membraam, salinity probe en vanepump samen vormen de sleutel tot succes, ......en wat creativiteit natuurlijk. We ruimen op, foerageren, poetsen en melden ons af bij de autoriteiten. H alf juni verlaten we Frans Polynesie en gaan richting de Cook-islands en Palmerston/Suvarrow.
Society Eil.;
Meer
Foto's
Op deze pagina rust auteursrecht; gebruik van delen alleen na toestemming van de auteur. |